vrijdag 9 september 2016

Blij dat ik rij


Het gaat goed met ons. Hij aan de bril en zij grijs schuifelend achter de rollator. Wat een plaatje, wat een stel...
Grijs. Ja, dat ook nog. Niet zomaar van het ene op het andere moment -zoals bij mijn vader zaliger- maar gewoon omdat ik sinds de chemo besloot om mijn haren niet meer te verven. Grijs is mijn nieuwe zwart. En blauw is de nieuwe bril van Don. Eén van de, want hij kreeg er twee voor de prijs van één. De andere is doorsnee bruin.
Eigenlijk was het mijn brillenvoucher, maar vreemd genoeg lijken mijn ogen vooruitgegaan te zijn. Ik kan nu ineens de kleinste lettertjes weer lezen, ook sinds de chemo. Wel fjn, maar soms ook niet zo handig, ik kan nu niet overal meer onderuit komen met de smoes: "Oh, gut, is dat zo? Dat had ik helemaal niet gelezen..." Ik veins mij dan maar oostindisch blind indien nodig.
Enfin, de voucher was overdraagbaar en dus moest Don er aan geloven, zijn ontkenningsfase had nu wel lang genoeg geduurd.

"Er zitten dingetjes op je jurk" merkt Don op vanachter zijn ontspiegeld glas. Ik kijk hem met opgetrokken wenkbrauwen aan vanachter mijn vierwielzelfaandrijver. Hoezo dingetjes? Die zaten er altijd al. Hij lijkt nu het totaalplaatje naast hem te bestuderen. Niet doen, denk ik nog, straks ziet -ie die beginnende kalkoenflubbers in mijn hals ook -die ik vanmorgen ineens constateerde in de spiegel. Ook sinds de chemo (of is die niet overal voor inzetbaar?)
Even flitst het door mijn gedachten: Ik ga een kreukelcreme aanschaffen. Of toch maar niet? Zoveel soorten, zoveel keus. Hoe mooier het potje waar het in zit, hoe hoger de prijs. Tja, je betaalt hoe je 't ook wendt of keert voor die buitenkant.
Ach wat kan mij het ook bommen. Het is kreukelcreme, of nu de vaart erin zetten zodat ik Don steeds een stapje voor ben. Met enige moeite kies ik voor het laatste, da's bovendien ook nog eens goed voor mijn conditie en die van Zakkelien.
Ik zet er flink de pas in, om even later samen aan het water neer te ploffen op een terras. Kopje koffie moet net nog kunnen voordat we ons gaan aanmelden bij de Sophia Revalidatie.
Wordt vervolgd.

zondag 4 september 2016

Barbie en Sophia


Sommige artsen doen wat ze beloven, ze bestaan! Daags na mijn bezoek aan de radiotherapeut-oncoloog, werd ik inderdaad teruggebeld en ontving ik niet lang daarna per post de nodige informatiefolders. Zo ben ik ook gebeld door de verpleegkundig specialist MCl/CE/Oncoogisch chirurgie uit Delft, zij heeft met mij doorgenomen welk vervolgtraject ik nu zou kunnen ingaan. Oncologische Revalidatie is aan de orde gekomen, ik heb mij hiervoor aangemeld. Omdat ik heen en weer pendel tussen verschillende ziekenhuizen, is nu met mijn akkoord afgesproken dat het hele revalidatieproject en de contacten hierover overgenomen wordt door Delft. Ik heb gekozen voor die locatie, omdat dat voor mij goed te bereiken is en niet al te ver van huis. Mijn medische gegevens worden ter info opgevraagd in Rotterdam, maar uiteraard blijf ik voor de controles nog wel naar de Daniel gaan.
Op woensdag 21 september a.s. heb ik een eerste afspraak voor een intakegesprek op locatie Sophia Revalidatie Delft. Aan de ene kant vind ik het jammer dat ik er nu pas over heb gehoord, ik had er eigenlijk al veel eerder mee willen beginnen -als ik het had geweten. Aan de andere kant begrijp ik ook wel dat er eerst een bepaalde periode van herstel moest zijn, sowieso van de wonden, zeker ook omdat werken/trainen aan je fysieke conditie een onderdeel is van het programma. Maar goed, blij dat het nu dan de aandacht heeft en dat er eindelijk Actie op mijn lijstje staat.

Verder heb ik links gekregen naar diverse sites met relevante informatie: www.spks.nl www.devruchtenburg.nl en www.kanker.nl
Bij de laatste heb ik mij geregistreerd en kun je o.a. lotgenoten, dicussiegroepen en blogs terugvinden. Hoe simpel kan het zijn, gewoon op kanker.nl.... Ik heb er al even op rondgesurfd, maar wil me er niet oeverloos in onderdompelen. Wel handig dat het er is en dat ik nu weet waar ik iets kan vragen of opzoeken. Bij een vluchtige blik stuitte ik op een stomavraag. Iemand nam voorheen altijd een zetpil voor haar migraine. Haar vraag was "Waar stop ik die zetpil nu in? In mijn stoma?" Gut ja...daar had ik zelf ook nog niet bij stil gestaan bedacht ik mij grinnikend.  Om de vraag die eronder stond schoot ik nog meer in de lach "Hoezo dan? Heb je dan een barbiebutt?" Een Barbiebutt??? Jawel, net als Barbie: geen gat, gewoon glad. Hoe verzin je zoiets. Ik denk dat ik 'm maar ga invoeren. "Ik heb een Barbiebutt" in plaats van "Mijn anus is geamputeerd".  Whoehaha.
Hoe dan ook, de volgende fase is mijn Barbieshape weer een beetje terug te krijgen. Fijn als je je eetlust weer terughebt, maar in combinatie met te weinig beweging dreig ik weer een beetje model eigenheimer te worden.  Eigenwijs tot daar aan toe, maar zo'n aardappelfiguur.... nogmaals: Blij dat ik straks naar Sophia mag!


vrijdag 26 augustus 2016

Nieuwe tijden



Een nieuwe fase staat voor de deur.  Gisteren was het op de kop af zeven weken geleden na mijn operatie.  De eerste zes weken heb ik maar zo’n beetje beschouwd als een gipsperiode, maar dan zonder het gips. Zes weken behelpen en als -in het geval van een gebroken been-  uiteindelijk  het gips eraf gaat, dan kun je pas voorzichtig aan echt opbouwend revalideren.  Zo heb ik de knoop doorgehakt om het zorgbed vandaag  op te laten halen.  Ik vond het al een tijdje niet meer prettig om er op te zitten. Door het antidecubitus matras zak ik er eindeloos in weg om vervolgens in het luchtledige te blijven hangen. Ik merk dat ik nu juist meer behoefte heb aan een stevige, vastere ondergrond. Vorige week durfde ik het nog niet aan. Stel dat ik toch nog wat comfortabeler wil liggen, of even wil rusten... Nog maar even wachten tot die magische zes weken voorbij zijn.
Enfin, nu is het een feit. Het bed is weg. Fijn dat de mogelijkheid er was om er gebruik van te maken, maar ook fijn dat alles nu weer ‘normaal’ is in huis. Het geeft een stuk meer bewegingsvrijheid. Nu ikzelf ook nog ;-)

Deze week ben ik voor een evaluatiegesprek bij de radiotherapeut-oncoloog in Delft geweest. Zij had mij na het bestralings-/chemotraject al gezegd dat ze me graag na mijn operatie nog eens wilde zien en spreken. Het was een goed gesprek, de arts was belangstellend en nam de tijd om alles door te nemen. Ze had van te voren mijn dossier willen opvragen om in te zien ter voorbereiding, maar toen ze daartoe opdracht gaf bleek niemand in Delft te weten waar ik verder behandeld ben. Dus niks inzage in dossier, ik heb haar zelf zonder de technische termen maar even bijgepraat. Ze begreep dat ik het als heel lastig, onwennig en onzeker heb ervaren, om met zo weinig informatie naar huis te zijn gestuurd na de operatie. Daarbij komt dat ik moeilijk of nagenoeg niets terug kan vinden op het internet over mensen die een soortgelijk iets hebben meegemaakt. Nou ja, zonder alle randverschijnselen dan. De arts gaat nu voor mij informeren of er een soort lotgenoten-site is waar ik terecht kan.  Of misschien is er een andere mogelijkheid om met anderen in contact te komen met wie ik dingen kan uitwisselen, vragen kan stellen of wat maar ook. Dat zou wel fijn zijn. Ik voel me nu een beetje verloren zo zonder referentiekader. Ik weet wel dat ieder persoon anders is, maar toch zou het fijn zijn om juist ook van een ander te horen hoe die de hele periode is doorgekomen. Ik twijfel soms nog over de pijn. "Hoort" dit, is dit normaal na zeven weken? Volgende week word ik hierover teruggebeld door de arts. Verder wilde ze graag de operatiewond zien en net zoals iedere andere arts of verpleger was ook zij van mening dat het er keurig uitziet allemaal. Netjes, kunstig, goed gedaan, mooi genezen, bijna geheeld... en vooral ook: U doet het wonderbaarlijk goed en dat in zo'n kort tijdsbestek! Ach... en wat zijn dan zeven weken op een mensenleven? Tsja.....

Verder ben ik inmiddels wel gestopt met het innemen van paracetamollen en ben verwoed aan de detox-thee geslagen. Nu wordt er helemaal niets meer onderdrukt, dat is misschien nog even wennen. Maar op de longmedicatie na ben ik dus weer clean!

Clean! Dat is de woonkamervloer nu ook, terwijl ik dit zit te bloggen is Don weer eens aan het wittetornadoën en staat het interieur weer op z'n normale plek. Beter! Precies zoals ik me voel: steeds beter!

 Dag bed....nu is het weer tijd voor mijn eigen bankje!


Broeierig!



Wat een hitte! Er broeit  van alles. Buiten, binnen, je ontkomt er niet aan. De thermometer in de tuin wijst achterlijk hoge temperaturen aan in de schaduw, ver boven de 30 graden. Ik wapper me een tennisarm, of in dit geval: een waaierpols, met mijn doe-het-zelf-airco uit Portugal. Intussen doe ik mijn best om niet chagrijnig te worden, of was ik dat al? Dit is nog maar weer eens het bewijs dat ik een heuse neppinda ben. Indisch koken kon ik al niet, maar ook tegen deze tropische temperaturen ben ik niet opgewassen. De huidige omstandigheden maken het er niet beter op.  Sterker nog: ik ben De Huidige Omstandigheden nu meer dan beu.  Het is iets van de laatste paar dagen, waarschijnlijk zijn het weer die zogenaamde laatste loodjes en deze hitte maakt het er niet beter op.  Niet alleen buiten broeit het, maar ook hier binnen en zelfs ook in mij.  Spinsels broeien in mijn hoofd. Gelaten zit ik drie tellen op mijn zorgbed en ver(broei)kas dan naar een stoel met kussen, om een paar minuten later toch de bank nog maar eens te proberen. Au! Te hard.  Pffff… wat een vermoeiende bezigheid is dit. Constant maar verplaatsen en uitproberen hoe ik het beste, zonder al te veel pijn, kan gaan zitten en dan het liefst langer dan een kwartier.  Kussentje erbij, weg met dat ding. Te hoog, te laag, te hard, te zacht. Staan dan maar, vermoeiend en gepaard gaand met een zeurende pijn die ik nog altijd wijt aan de zwaartekracht. Dan maar een stukje ijsberen van de keuken naar de woonkamer, of misschien toch maar even liggen om de spanning eraf te halen? Van liggen worden mijn longen niet vrolijk, zeker niet met deze luchten.  Ze piepen nog net niet, maar rechtop met dat lijf en diep doorademen is net even iets prettiger.  Ik hang en strompel, leun al mopperend op het aanrecht of over het traphekje op de gang.  Ik sta mij toe om er een hele dag een baaldag van te maken en scheld in mijn eentje op alles en iedereen. Wat kan het schelen, niemand hoort mij. Inmiddels heeft ons huis zich getransformeerd tot een ware steenoven. Alles zit potdicht omdat het geen zin heeft om iets open te zetten, er komt dan alleen maar hete lucht binnen. Steenoven, heteluchtoven…. Ik voel me hoe dan ook een pizza calzone, zo’n opgeblazen exemplaar. Gaar.


Mokken. Dat is het volgende couplet van mijn klaagzang. Boosheid voel ik niet echt, maar wel een onbehaaglijk gevoel van onmacht omdat ik mijn onafhankelijkheid een beetje kwijt ben. Ik baal daar van. Eén rondje om het huis wandelen gaat wel, twee red ik met moeite. Naar het winkelcentrum is nog te ver, ik haal de heenweg niet eens, laat staan daarna weer terug. Autorijden is nog altijd geen optie, dus als ik iets nodig heb kan ik dat niet eens zelf halen.  Hoe normaal was het voor mij om overal even snel naar toe te gaan, lopend, fietsend of met de auto. Om nog maar te zwijgen over dansen in Schiedam, Zeist, Apeldoorn, Deventer, or wherever…. peanuts! Ik realiseer me nu nog meer hoe bevoorrecht ik eigenlijk altijd ben geweest, door het op eigen gelegenheid te kunnen gaan en staan waar en wanneer ik maar wilde. Onafhankelijk zijn, hoe heerlijk! Ach…. Ik kan me nu nog veel meer indenken hoe mijn moeder zich gevoeld moet hebben in haar laatste dagen. Zoals ze zelf toen zei: Ik ben zo gewend om dingen zelf te doen en dan laat ineens mijn lijf het afweten… dat is zo frustrerend! Ik kan dat niet uitstaan!” Bovendien wist en voelde zij dat dat niet meer terug zou komen…..
Hoe tegenstrijdig is dan de gedachte die mij daardoor juist nu bekruipt: “Het komt allemaal wel weer goed!” Ineens heb ik geen zin meer in dit mokcouplet. Ik glimlach naar de foto van ma die vanuit haar lijstje toeziet hoe ik het hier op mijn manier toch weet te redden en beloof haar: “Ik ga wel door hoor. Na deze zomer ben ik klaar…” 

donderdag 11 augustus 2016

Vijf ringen, vijf weken

Vijf ringen, vijf weken na de operatie -op de dag af vandaag. Op de TV zie ik topsporters alles van zichzelf geven, na een niet geringe voorbereiding van bloed zweet en tranen. En dan nu waar het om te doen is: het beste uit jezelf halen, terwijl de wereld toekijkt. Vanaf het grote zorgbed waan ik me een soort Van Gelder in de ringen, als ik me met gezucht en gekreun overeind hijs met behulp van mijn papegaai. Sinds ik voor controle ben terug geweest in de Daniel, hou ik me maar gedeisd en volg braaf de regeltjes -hoe groot de verleiding ook is om meer te willen en meer te doen. In dat opzicht dus misschien niet helemaal Van Gelder. Maar, één ding is zeker: ik lever hier thuis mijn eigen prestatie wel en ga voor niet minder dan goud. 

In de afgelopen twee weken is de thuiszorg afgebouwd, heb ik mijn laatste fraxiparine injectie gehad (hoeraaa!), is mijn eigen huisarts drie keer langs geweest (jawel 3x) en ben ik twee keer gebeld voor een telefonisch consult ter controle door de Daniel-dietiste en -hoofdverpleegkundige. De eerste keer dat mijn huisarts kwam, was omdat hij wilde weten hoe het met mij ging en hoe de operatie was verlopen. Hij nam er uitgebreid de tijd voor en observeerde daarbij niet alleen mij, maar ook mijn omgeving. Knikte daarbij goedkeurend met zijn hoofd en was tevreden. Een dag later ontdekte ik bij toeval tijdens het douchen een raar nylondraadje ter hoogte van mijn schaambeen, daar waar de katheter heeft gezeten. In een raadplegend telefoontje met de huisartsenpraktijk, kreeg ik de melding "Mevrouw is niet mobiel, ik ga naar haar toe" via de assistente en nog geen tien minuten later stond mijn huisarts weer voor de deur. Na onderzoek bleek het om een binnenwaartse hechting te gaan, die had moeten oplossen maar op de een of andere manier zich een weg naar buiten had gewurmd. Natuurlijk. Ik kijk nergens meer van op. Was een fluitje van een cent, één rukje en weg wassie.
Vanmorgen heeft dat tafereel zich zo'n beetje herhaald, maar dan iets pijnlijker. De verpleegkundige van de Daniel had voorgesteld om foto's te maken van mijn wonden en die te mailen, zodat zij ze kon beoordelen. Dat scheelde me een controle bezoekje en een pijnlijk ritje naar Rotterdam. Op zich wel slim. En zo kon ik nu ook eens poseren voor Don, wat doorgaans niet zo'n geslaagde combinatie is (hij vindt altijd dat ik me anders gedraag voor de camera.... "doe nou eens normaal"...) dus dat hebben we maar opgegeven. Deze shoot had evenwel iets vreemds, een beetje gênant ook vond ik. Blij dat de rolgordijnen dicht konden, want wat moet dat een raar gezicht zijn geweest...  wat zouden voorbijgangers gedacht hebben... OMG... Niet meer aan denken.  Maar goed, bij het inzoomen op een van de foto's zagen we ineens allebei een zwart draadje. Nee he.... Na het doormailen van de foto's kreeg ik een bevestigend mailtje terug. Inderdaad, toch nog een verdwaalde hechting ergens onderaan mijn achterkant. Ik mocht kiezen: of naar de Daniel, of naar de huisarts. Niet moeilijk, het werd dat laatste en wederom bedachten ze dat het voor mij makkelijker was om de arts naar mij te laten komen. Voor de zekerheid is alles nu nog maar eens grondig bekeken en als het goed is, is er nu geen draadjesvlees meer. Wel constateerde de arts dat de wond waarop ik zit, nog niet goed dichtgegroeid is. Dat is normaal en dat gaat beslist nog gebeuren, verzekerde hij mij, het was nu nog te kort dag. Door het zitten, waarbij de huid toch enigszins uit elkaar wijkt, duurt het aan elkaar groeien wat langer. Kwestie van geduld en goed opletten hoe en waarop ik ga zitten. Een beetje hangen op mijn zij en ondersteunen met kussentjes is nog het beste. Pffff.... ik dank de dag dat ik weer ongecontroleerd en zonder nadenken neer kan ploffen waar ik wil zonder er iets van te voelen!

De verpleegkundige heeft mij overigens nog maar weer eens uitgelegd hoe dat zit met die bekkenbodem die ik niet meer zou hebben. Ik kon me er niets bij voorstellen en ik werd er alleen maar onzekerder door. Allerlei waanideeën spookten door mijn hoofd, ingewanden die ik zomaar verloor tijdens het wandelen en dat soort gedachtes, brrrr. Het klopt inderdaad dat bij het verwijderen van de endeldarm en kringspier ook bekkenbodemspieren zijn weggehaald. Er valt dus niets te 'trainen' en het verklaart waarom het allemaal 'zo zwaar' aanvoelt. De eerste zes weken na de ingreep zijn dus het lastigst en pijnlijkst. Het is te hopen dat het daarna beter gaat en dat de pijn dan wat gaat afnemen. Tot nu toe is het wel 'te doen', maar valt het soms niet mee en zijn er ook best momenten dat ik het meer dan baggerzat ben en verlang naar een uurtje zonder pijn. Hoe heerlijk!
Hoe dan ook, ik vind nog steeds dat ik niets te klagen heb. Ik slaap nu al een tijdje in ons eigen bed, zonder halverwege de nacht noodgedwongen door de pijn te hoeven verhuizen naar het anti decubitus matras op mijn zorgbed. Ook het draaien van mijn ene op mijn andere zij gaat goed, met af en toe een zucht-en-kreun, maar dat hoort nu eenmaal bij mij... beetje dramaqueenen mag ik wel vind ik. 

Voor nu geef ik mijn herstel Brons. Dus met andere woorden: het gaat eigenlijk best wel goed hier op nummer 5. 

zondag 31 juli 2016

Voetjes van de vloer


Daar zit ik dan, zonder pardon opgekrikt tot Prinses op de Erwt op Wuthering Heights. Letterlijk: bengelen met je benen op de rand van je bed, zoals artsen hun patiënten in ziekenhuizen zo graag zien. Nou ja, niet op zo'n hoogslaper als deze dan. Om mij heen -of in dit geval onder- is Don druk in de aanslag met Henry ons gele zuigmonster gevolgd door sop en dweil. 
Alles gaat door, ook op zondag of beter gezegd zélfs op zondag, met name het huishouden. Don maakt overuren, al heel lang. Hij verdient een lintje. Ik zal er binnenkort een voor hem punniken ;-)
Zoals opgedragen, beperk ik mij slechts tot wat ieniemienie flutkarweitjes in slakkentempo. Het blijft zoeken naar de juiste balans met zitten, liggen, lopen, bewegen. Soms is het lastig om een pijnloze houding te vinden, dan zit ik minuten lang te mieren met veel gepuf gezucht en gemopper. In het ziekenhuis moest je een cijfer geven voor de pijn, ergens tussen nul en tien. Nou ik kan je verzekeren, zo af en toe is het net het songfestival: een dikke Douze Points! Moed houden maar. Eens zal het toch wel minder worden. Ik focus me maar op de kleine vooruitgangetjes. Zo is de spierpijn in mijn buikstreek aanzienlijk verminderd, waardoor ik wat flexibeler ben. Over mijn schouder achterom kijken is een beweging die nog niet helemaal wil lukken, omdat dan de schuine buikspieren gaan trekken. Die oefen ik iedere dag een klein beetje. Hoesten, niezen en schaterlachen vinden mijn ingewanden ook nog niet echt heel prettig. Maar ja.... weerhoud mij maar eens om te lachen....

Vannacht heb ik voor het eerst geprobeerd om in mijn/ons eigen bed te slapen. Was wel even wennen, ander matras, geen hoog/laag functie en geen papegaai als hulpje. Maar: wel Don in de buurt, dat is toch ook wel weer eens fijn na al die eenzame nachten in het donker. Ik ben een paar keer wakker geworden, maar kon daarna wel weer direct doorslapen. Al met al is het me niet tegen gevallen, dus vanaf nu maar weer lekker in mjn eigen bed. Het zorgbed hou ik nog eventjes aan.
Morgen is mijn eigen huisarts weer terug van vakantie en komt langs om uitgebreid bij te praten. Ik kan dan met hem overleggen hoe het de komende dagen verder moet met de thuiszorg. Volgens mij krijg ik donderdag a.s. mijn laatste fraxiparine injectie en zou -wat mij betreft- de zorg dan afgebouwd kunnen worden. De wonden zien er nog altijd goed uit, keurig aan het genezen en geen ontstekinkje te zien, ook die behoeven geen directe (externe)zorg meer.

Going strong dus! En ook al gaat het er straks echt niet helemaal meer uitzien zoals hieronder.... de energie zit er nog wel hoor!  :-)

(Dance yourself dizzy, Liquid Gold)



donderdag 28 juli 2016

Check √


Uitstapje Daniel ook weer achter de rug. samen met Don. 
Helder.
Eerst een afspraak bij de WIS verpleegkundige en daarna naar de chirurg. Terwijl ik werd geïnstalleerd op een onderzoektafel, leek het de verpleegkundige handig om de chirurg erbij te halen. Dat scheelt u weer een loopje, dan doen we dit gecombineerd, vindt u ook niet? Fantastisch idee, hou ik wel van -van dat meedenken. Dus drie tellen later was daar dr. Dassen, de vrouwelijke variant van Rothbarth. Eerst uitvoerig alle helende wonden bekeken en betast. Doet het hier pijn? En hier? Oh, en hier soms ook? Hm. Au. Aaah. Jaaa auw daar ook ja, nogal. Een soort blauwe-plekken-pijn, alsof ik heb gevochten en iemand heeft mij flink in elkaar getrapt, probeer ik de pijn te omschrijven. U heeft een hele zware operatie achter de rug mevrouw, zeggen de beide dames bijna in koor. Ja, ja dat ook, knik ik eenstemmig. Aan de hand van mijn vragen krijg ik een lading antwoorden en informatie over mij uitgestort. Jammer dat het een beetje achterhaald is... ik had dit bij mijn ontslag uit het ziekenhuis eigenlijk allemaal liever geweten. 

Waar het op neer komt is:
Het is echt een hele zware ingreep geweest (ok, dat muntje is nu wel gevallen), er is van alles weggehaald, u heeft geen bekkenbodem meer, het herstel heeft tijd nodig. U mag 6 weken absoluut niets doen (ik kon Don zijn gezicht op dat moment niet zien... hij de mijne wel.... boekdelen....) daarna voorzichtig opbouwen. U mag nog 3 maanden niet fietsen. Nooit meer tillen dan, laten we zeggen.. 15 kilo, dit geldt voor altijd. Over drie maanden willen we uw bloed opnieuw testen en het herstel van de wonden checken. Over een half jaar scannen we uw longen en lever om vast te stellen dat alles nog schoon is. Dit zal zo een aantal jaren blijven, u blijft hier onder controle. Uit het onderzoek van het weefsel dat opgestuurd is, bleek dat alles verder schoon is, er zijn geen uitzaaiingen en we hebben alles weg kunnen halen wat nodig was.
De pijn die ik heb is 'normaal', hoe lang dit aanhoudt is niet te voorspellen omdat iedere persoon anders is. Er zijn ook mensen die blijvend voor de rest van hun leven pijn blijven houden, helaas. Dat heeft nu eenmaal te maken met de aard van deze ingreep. Oef... die opmerking stop ik na nu maar even heel ver weg. Ik ga er gewoon voor zorgen dat het beter wordt. Hoe, dat zie ik nog wel.
Ik kan toch straks gewoon weer dansen? Klassiek ballet is toch niet zwaarder dan 15 kilo tillen? Of...? Denkend aan een développé, vraag ik me vertwijfeld af wat een been weegt....
Twee paar fronsende wenkbrauwen en een vermanend: U mag even helemaal niets mevrouw!
Uit de andere kamer hoor ik Don zijn stem zuchtend iets mompelen in de trant van "Grrr.. Ik koop ty-raps om haar vast te binden. Dat is het enige wat misschien helpt"
Neeeee, zeg ik haastig, nu nog niet natuurlijk, maar over een poosje toch wel? Ik kan nu toch alvast iets oefenen? Rustig aan mevrouw, bovendien bent u ook de jongste niet meer, zeggen de witgeschorte dames. Mijn beurt om mijn wenkbrauwen eens flink te fronsen. Wat heeft dat er nou weer mee te maken?! Puh, dansen zal ik! Let maar op!
Evenlater zit ik weer aangekleed naast Don in de spreekkamer. De adviezen neem ik braaf ter harte, ik zeg er maar even niet bij dat ik al wat kleine dingetjes in huis had gedaan. Een klein wasje, een klein strijkje, een klein boodschapje gedaan in de supermarkt, Vanaf nu doe ik afwisselend een klein wandelingetje, ga ik op verschillende stoelen/banken/bedden zitten om te wennen, ga ik liggen om te rusten. De oefeningetjes die ik meegekregen heb doe ik voorzichtig aan, ja ja opbouwend... want: ik kan het maar één keer verpesten -ik weet het- verzeker ik de verpleegkundige en Don. Wetende dat ik onderweg in de auto toch nog wel het nodige ingewreven zal krijgen. Ach die Don.... voor hem ook niet makkelijk zo'n patient als ik... Zullen we ergens onderweg dan maar even een klein gebakje scoren? stel ik voor. Er valt per slot van rekening toch weer iets te vieren, of niet? Hij kijkt me met zo'n blik aan die ik wel herken. Ik ga me echt gedragen nu, ik zal me inhouden en niets overbelasten, ok? beloof ik braaf. Ik krijg nog even De Blik, maar kleine lachrimpeltjes naast zijn ogen verraden hem. En terwijl hij een stukje vlaai gaat halen vraag ik me af of ze in de supermarkt naast de bakker misschien een kiloverpakking Geduld in de aanbieding hebben....